vrijdag 24 april 2020

Mijn IJsselgodje is schuw en laat zich nooit zien

Steegje in Genua
1.
Inschrijving aan de Dolce far Niente Academie kost maar € 899,- per jaar. Na drie jaar ontvang je je diploma. Je hoeft er niets voor te doen. Het geld is dus goed besteed. Met het diploma – een sieraad – kun je verder niets.

2.
Op ons terras broedt een
koolmees. De bouwvakkers mogen het broeden niet verstoren en moeten hun werkzaamheden uitstellen tot de jonge koolmeesjes zijn uitgevlogen. Zo is de wet. Wij Europeanen worden langzaam maar zeker weer kinderen van de natuur, nadat we lang spoken van god zijn geweest. Dat is een grote overgang. Maar: een overgang naar een toestand die nog in het geheugen van ons lichaam zit. Zoals je rolschaatsen of pianospelen nooit verleert, zo zul je het ook nooit verleren om natuur, om koolmees te zijn.

3.
Het lijkt wel alsof onze naasten meer waard worden nu ze kunnen doden met hun nabijheid (door het virus). Er is weer iets gevaarlijks, iets dreigends, iets avontuurlijks aan onze naasten.

4.
Ik lees de Genuese notities van professor Nietzsche. Net als Ilja Leonard Pfeijffer, die ook in Genua woont, is professor Nietzsche een meeslepend schrijver. Dat verhindert hem niet om zeer helder na te denken.

5.
Het onbenoembare, onzegbare, onzichtbare als hoogste ("goddelijke") instantie. Wat een
sluwheid. 

6.
Mijn IJsselgodje is schuw en laat zich nooit zien.
"Hoe kun je dan bewijzen dat je het geschapen hebt?" vroeg iemand met wie ik langs de IJssel liep.

7.
Elk kunstwerk geeft iets terug aan degene die het gemaakt heeft. Het werk verandert zijn (of haar) koers, verruimt zijn (of haar) innerlijk, verscherpt zijn (of haar) blik of verdiept zijn (of haar) inzicht. Zo geeft het kunstwerk de kunstenaar vorm.

Precies zo was het oorspronkelijk ook met de goden. De goden waren onze kunstwerken en gaven iets aan ons terug.

Maar toen gebeurde er iets vreemds.
Wij meenden opeens dat zij ons gemaakt hadden in plaats van wij hen. Menen dat je door een god geschapen bent is vreemd.
Bach dacht toch ook niet dat hij door de Matthäus Passion geschapen was?
Ik probeer al mijn hele leven te begrijpen hoe die omdraaiing mogelijk is geweest en hoe het kan dat die zo persisteert. 

8.
Het monotheïsme is een aanval op de autoriteit van de zintuigen. Op het horen, het ruiken, het zien, het voelen en het proeven. En op het gehoorde, het gerokene, het geziene, het gevoelde en het geproefde. 

9.
Als je wilt weten wat voor een indruk het monotheïsme op de antieke wereld maakte, dan hoef je alleen maar het achtuurjournaal aan te zetten en de huidige Griekse wanhoop en verbijstering over de havelozen uit het Midden-Oosten te bestuderen. Het drama van tweeduizend jaar geleden wordt daar als het ware
nagespeeld (of herbeleefd). 

10.
"Hij woont aan de overkant van het water."

11.
Overpeinzing van een muurkundige: als individu kiezen we, mogen we kiezen; de één zien we graag, de ander niet. Niet iedereen kan onze vriend zijn, zeggen we. Dat is zelfs onderdeel van onze trots, van onze eigenheid en menselijkheid. Waarom lukt ons dat in groepen toch zo slecht?

12.
Taal en werkelijkheid zijn twee verschillende werelden. In de wijsbegeerte is dat al heel lang bekend, het is zelfs een (betwist) cliché, maar nu is het cliché ook tot de president van de Verenigde Staten doorgedrongen. Niet tot ons voordeel.

donderdag 23 april 2020

Over roken en masturberen

Masturbatie op een antieke Griekse vaas (detail)
Het Engelse dagblad The Guardian schrijft dat roken goed is tegen corona.
Het Engelse dagblad The Sun schrijft dat mastur-beren goed is tegen corona.
Deze inzichten heeft minister-president Rutte nog niet met ons gedeeld tijdens de persconferenties over corona, mogelijk uit consideratie met de gebarentolk Irma Sluis.
Hoe moet zij het masturberen uitbeelden zonder, nou ja, een deel van haar waardigheid te verliezen?

Bij het lustig erop los masturberen moet je wel uitkijken dat je wenkbrauwen niet te hard gaan groeien (een vriend van P. beweerde dat zijn wenkbrauwen waren gegroeid doordat hij teveel had gemasturbeerd
tijdens een periode van bedlegerigheid).

dinsdag 21 april 2020

Daar heb je de mensheid weer

Clematis
Het is zeven uur in de ochtend. Het zonlicht maakt een zachte landing op aarde (de zon strijkt liefdevol met haar hand over de aarde).
De schaduwen zijn zo lang als magere reuzen.
Het is stil, je hoort de blaadjes van de wingerd groeien. Ook hoor je hoe bloemen zich ontvouwen (vuistjes van kleur gaan open).
Daar is de koolmees weer.

Twiet!
Bouwvakkers met ijzeren schoenen beklimmen de luid rammelende steigers (de radio gaat mee omhoog).
Een generator begint te walmen.

Een cirkelzaag wordt gestart.

Alles schrikt en krimpt ineen (zelfs de schaduwen krimpen ineen).
De wind vlucht weg.
Een spinnetje rent vlug naar de rand van z'n web.
De bloemen sluiten zich.

Daar heb je de mensheid weer.

maandag 20 april 2020

Wij zijn in overtreding

La migración del tiempo¹ / Salvador Dalí, 1974

Plotseling herinnerde ik me weer haarscherp ons huis in de R.-laan te Z.
Ik wás weer even in dat huis.
Ik was in de keuken met de stapels pannen en borden op de planken en de blikken koektrommels waar ik niet bij kan.
En mijn moeder is aan het koken.
Wat is ze jong.
"Heb je lekker gerolschaatst?"
Ja, dat heb ik. Mijn voeten tintelen er nog van.
Sinds het begin van de coronacrisis praat ik dagelijks met haar (met mijn moeder).
Onze gesprekken brengen ons dichter bij elkaar dan de toegestane anderhalve meter. 

Wij zijn in overtreding.

¹ Zo noem ik dit schilderij, maar Salvador Dalí noemde het Wounded soft watch. Salvador Dalí maakte dit schilderij in 1974, maar ik maakte het mee in 1973.

Ons buurmeisje houdt van zichzelf

Fiets van het buurmeisje

zondag 19 april 2020

Wanneer regen op droge grond valt

Amsterdam, april 2020
1.
Petrichor is de naam van de geur die ontstaat wanneer regen op droge grond valt.
Het is de geur van de aarde.
Natuurlijk komt het woord uit het Grieks.
Πέτρα (petra) betekent steen.
Ιχωρ (ichor) betekent bloed van de goden. 

2.
P. wees me op de opmerkelijke vermeerdering van het aantal getekende fallussen op muren in de stad. 

Ik denk dat dit wordt veroorzaakt door de coronacrisis en de anderhalve meter.
Meisjes zijn verder weg dan ooit (namelijk anderhalve meter) en een vrijpartij is moeilijk te verwezenlijken.

woensdag 15 april 2020

O, wat heb ik een zin

O, wat heb ik een zin om naar de bioscoop te gaan. En naar een bomvol restaurant. En naar een uitverkocht concert. En naar een geweldig groot feest met geweldig veel mensen, dicht opeen gepakt. 't Is stampend druk op het feest. We staan schouder aan schouder, borst tegen borst, wang tegen wang. De drank vloeit. We drinken uit elkaars glazen. We eten van elkaars borden. Mondkapjes vliegen door de lucht en blijven hangen in de kroonluchters als slipjes. Het is zomer, het is warm. Er wordt gedanst en gezoend. Het is het feest van de monden, van de lippen, van de tongen (o, wat een gekronkel!). Er wordt ook gevochten. Sommigen gaan op de vuist van blijdschap. Ze geven elkaar rake klappen van pure vreugde. En in een hoekje zit Anderhalve Meter te verpieteren.

We reden ongelofelijk hard

We stegen op
We zaten in een boot. We maakten een pleziertocht op een rivier. Na een tijdje zei ik: "Wat gaan we hard!"
Ik liep naar boven, naar de kajuit, en ik zag dat we helemaal niet op een rivier voeren. We reden op een snelweg! 
We reden ongelofelijk hard, ML km/h.¹
Het leek wel of de andere voertuigen stilstonden.
De bestuurders van de andere voertuigen schrokken en verloren de macht over het stuur als ze onze enorme boot op zich af zagen komen in hun achteruitkijkspiegels. Vrachtwagens kapseisden, personenauto's botsten tegen bomen en vatten vlam (auto en boom vatten vlam).
Af en toe vlogen we uit de bocht. Dan reden we een stuk door het bos. Bomen braken als lucifers.
Even later kwamen we dan weer terug de snelweg op met veel gekraak en vernielingen. We veroorzaakten ongelofelijk veel ongelukken. We gingen steeds harder. Ik zag een blauw bord voorbij schieten met de naam van een stad erop. Vlak voor de stad stegen we op.
 

¹ Droomduiding: ML is 1050 in Romeinse cijfers. We gingen dus echt hard! ML zijn tevens de initialen van Momentums laadklep, de gedichtenbundel van Jérôme Gommers waarover ik al eerder schreef. Zie hier de droomrecensie.

maandag 13 april 2020

Ik zat meteen rechtop in m'n stoel

Replica van Ray Kroc's eerste McDonald's restaurant
In de krant stond een interessante gedachte over Amerika's oudste fast-foodketen McDonald's.

Er stond:
"Er komt een tijd dat geschiedschrijvers zich de vraag zullen stellen waarom westerse overheden in de 21-ste eeuw toestonden dat multinationals
schade toebrachten aan 99% van hun burgers." 
Ik zat meteen rechtop in m'n stoel.
Wat zullen de geschiedschrijvers straks op die vraag antwoorden?

zondag 12 april 2020

Hij heeft een nieuwe jas

Mijn eerste selfie

Vandaag arriveerde er een nieuwe jas. Een man klopte op de deur van ons huis. Hij zette een grote doos met de jas erin voor de deur en rende weg.
Aanvankelijk leek het of er geen zakken in de jas zaten.
Wat is een jas zonder zakken? 

Ik was teleurgesteld.
Maar wat bleek?
De zakken waren er wel, maar ze waren dichtgenaaid. Ik moest ze openmaken met een tornmesje. En die heb ik, want ik kom uit een geslacht van kleermakers. Als ik geen tornmesje had, zou ik geen goede zoon zijn.
De zakken zijn lekker diep. Er kan veel in. En ze zijn van sterke stof gemaakt. 's Avonds trok ik de nieuwe jas aan en ik ging erin naar buiten. De mensen in de buurt stootten elkaar aan en fluisterden: "Hij heeft een nieuwe jas." 
Ik
nam een foto van mezelf. Zoiets had ik niet eerder gedaan (ik vind het iets eenzaams om te doen).
Hierboven zie je mijn allereerste selfie (met de nieuwe jas en het nieuwe kosmopolitische overhemd).
 

¹ Brillen, sleutels, touwtjes, briefjes, munten, aanstekers, pennen, elastiekjes – dat moet allemaal in de zakken van de jas.

zaterdag 11 april 2020

Hij knipperde op een interessante manier met zijn ogen

Hij had mooie rechte schouders (brede).
En mooi lang zwart haar.
En koolzwarte ogen die glinsterden van intelligentie.
Hij liep mooi.
Hij wist niet wie zijn vader was.
Zijn moeder was zachtaardig.
Je kon haar zachtheid voelen door haar vermoeidheid heen.
Hij woonde samen met zijn vriendinnetje L.
Hij sprak nauwkeurig.
Hij zei nooit een woord dat hij niet zorgvuldig uitgekozen had.
Hij knipperde op een interessante manier met zijn ogen.
Als hij piano speelde kreeg hij de spanwijdte van een condor.
Hij werkte in de machinefabriek van J.'s vader op het industrieterrein.
J.'s vader riep hem bij zich in de directiekamer en zei: "Je moet je school afmaken."
Hij deed dit.
Hij slaagde met de beste cijfers uit de geschiedenis van de school.
Er werd gefluisterd dat hij een zoon van Albert Einstein was. Die kwam soms naar onze stad om een vriend te bezoeken. Die woonde bij ons in de straat.

Op een dag werd Einsteins vriend vermoord. Het silhouet van zijn dode lichaam was in krijt getekend op de vloer van het vertrek waar hij vermoord was.

vrijdag 10 april 2020

Over de wind

"Zacht waren de woorden van de wind. Leliediep."

 

 

 

 

 

 


Federico García Lorca

donderdag 9 april 2020

Over het gedrag van onze minister van Financiën

Virtus Concordia Fides – het wapen van de Leidse 
studentenvereniging Minerva

Onze minister van Financiën maakt ons te schande in het zuiden van Europa.
Ik begrijp dat hij behoedzaam moet zijn, maar behoedzaamheid en stijl zijn niet onverenig-baar.
Ik raad hem aan het boek Handorakel en kunst van de voorzichtigheid te lezen, waarover ik al eerder schreef.
Daaruit kan hij leren hoe hij op een hoffelijke manier nee kan zeggen. Het boek is geschreven door Baltasar Gracián, een Spaanse jezuït uit de zeventiende eeuw.
De minister van financiën mag nooit vergeten dat het Zuiden van Europa het Noorden iets heeft gebracht dat waardevoller is dan de centjes waar hij nu zo gierig mee doet, namelijk beschaving, finesse d'esprit, stijl. En ook olijfolie. En rode pesto. En groene pesto. En de woorden minister, finan-ciën, praeses en Minerva (onze  minister van financiën was vroeger praeses van de Leidse studentenvereniging Minerva).

woensdag 8 april 2020

Over de mens met een smartphone

Anderhalvemeterhond
Het valt me op dat één soort mens zich niet of heel slecht aan de nieuwe afstandsregel houdt omdat deze soort mens niets ziet. 

Ik bedoel niet de blinde of slechtziende mens, maar de mens met een smartphone.
Kunnen de geleerden van het RIVM niet verordenen dat de openbare ruimte voor homo cum machina gedurende de coronacrisis verboden terrein is?
En dat zij uitsluitend naar buiten mogen met een anderhalvemeterhond die de afstand bewaakt?
Of alleen op een speciaal uur, 's morgens heel vroeg, zodat zij tegen elkaar opbotsen in plaats van tegen mij?

Nieuw in het straatbeeld

                                           Mondkapje, liggend op de hoek van de Cruquiusweg
                                                      en de Veelaan in Amsterdam-Oost

dinsdag 7 april 2020

Enkele wereldleiders en ik

Berken
Sinds ik niet meer drink
– alleen nog op vrijdagavond en zaterdagavond – sta ik geweldig vroeg op.
Sinds lang ben ik niet meer zo vroeg opgestaan.
Ik ben veel ongeduldiger dan vroeger. Dat wil zeggen: mijn lichaam is ongeduldig.
Mijn geest probeert de teugels aan te trekken, maar hup, daar galoppeert het paardmens al onder de douche vandaan en stormt de uitgestrekte grasvelden van de dag in.
De vroege ochtend is mooi. De zon komt op boven onze straat en degenen die in de straat zijn
– hardlopers, honden, wandelaars – hebben lange schaduwen. Tot nu toe kende ik de lange schaduwen alleen van de ondergaande zon, niet van de opkomende zon.
Ik ben naar buiten gegaan in mijn jas van Gorbatsjov.
Heb ik je wel eens verteld hoe ik aan de jas van Gorbatsjov gekomen ben? Wel, ik heb 'm van Gorbatsjov gekregen. Ik draag hem al meer dan twintig jaar, hij is tot op de draad versleten maar ik kan er geen afscheid van nemen.

Weet je nog wie Gorbatsjov was? Of moet ik je geheugen even opfrissen? Ach wat, bekijk het ook maar. Als je dat nu al niet meer weet, dan mag ik doodvallen of je hebt een geheugen als een zeef.
Weet je het nu weer? Dat is dan mooi, want hier komt het verhaal van m'n twee Russische kennissen W. en A. Dat wil zeggen, W. vertelde het verhaal, en A. zat er de hele tijd om te grinniken, zo geslaagd vond hij het. Het had niet veel gescheeld of hij was van de stoel gevallen van het lachen, want hij had al een stevig slokje op, en niet van de thee, dat verzeker ik je. God mag weten wat voor een brouwsel daar in de samovar stond te pruttelen, thee was het in elk geval niet.
"Gorbatsjov mag dan volgens jou een groot en onvergetelijk staatsman zijn geweest, groter dan Napoleon, Caesar en Churchill bij elkaar opgeteld," zei W. tegen mij, "maar wij mogen nooit vergeten dat hij op een kwade dag de drank verbood."
"Inderdaad, dat mogen we nooit vergeten," viel A. hem bij, "hoe onmetelijk groot hij misschien ook als staatsman is geweest."
"Hoe groot ook," zei W.
En nadat het voor alle aanwezigen duidelijk was geworden dat die twee het in alle opzichten roerend met elkaar eens waren, vervolgde W. zijn verhaal aldus:
"'Het kwam zomaar op een mooie ochtend in zijn hoofd op, en de volgende dag was er al geen druppel alcohol meer te vinden in de supermarkten. Maar denk je dat wij Russen het erbij lieten zitten? Vergeet het maar. En hier is wat we erop vonden. Schrijf het maar op, want 't is een waardevol recept voor een voortreffelijk alcoholisch drankje en misschien komt het nog eens van pas, je weet het maar nooit. Hier is het recept: je gaat naar de supermarkt-zonder-drank en je koopt daar een fles appelsap van drie liter. Die neem je voorzichtig mee naar huis. Thuisgekomen boor je een klein gaatje in het deksel van die fles, precies zo groot dat er een rijstkorrel door kan. Dan neem je een handvol rijst en druk je liefdevol de korreltjes erdoor, een voor een. Vervolgens ga je terug naar de supermarkt en koop je een rubberen handschoen. Die vind je makkelijk bij de schoonmaakmiddelen. De handschoen klem je stevig om het deksel met het gaatje erin, en dan zet je de hele constructie in een donkere, warme en rustige hoek van je huis. Verder hoef je niks te doen, behalve eens per week die fles met die rubberen handschoen van een afstandje bekijken. De rijst begint te gisten, er ontstaat alcohol, en daarbij komt er een gas naar buiten waardoor de rubberen handschoen opgeblazen wordt."
Het was op dit punt, dat A. bijna van de stoel viel van het lachen want hij wist al wat er komen ging.
"Langzaam komt de handschoen overeind," vervolgde W., "en als hij rechtop staat en begint te zwaaien, heel melancholiek, als een Russische leider op het balkon van het Kremlin, dan is het drankje klaar. Wij noemen dit drankje: Groetjes van Gorbatsjov."
"Lang leve het Rode Leger, leve de Russische Revolutie!" riep daarop A. En hij begon het volgende gedicht te declameren, dat hij zelf geschreven had:

Witte berken
en Kremlin's muur.
Scheve ogen
en de Chinese muur.
En in Berlijn stond de Berlijnse muur.

En nadat hij dat ontroerende gedicht had voorgedragen ging A. ervandoor op de Russische manier, dat wil zeggen, hij kneep ertussenuit.
Dit alles gebeurde op de avond van de 24ste augustus van het jaar 1996 te Amsterdam, in het grote herenhuis van K. en M., de gastvrouw en gastheer.¹
Nu ik hett toch over wereldleiders heb: een keer heb ik samen met Boris Johnson een treinreis naar Midden-Italië gemaakt, een mooie tocht van bijna vierentwintig uur. Winston Churchill was er ook bij. En bij professor Nietzsche heb ik een keer achter op de fiets gezeten (toen Z. (15) Boris Johnson voor 't eerst zag, riep ze uit: "O, wat een schatje)."
 

¹ Dit verhaal publiceerde ik eerder (in de vorige eeuw) in de Volkskrant.

maandag 6 april 2020

Alle mannen in de wereld en alle vrouwen in de wereld

Arc de Triomphe
Volgens de krant lijden vrouwen onder de corona-maatregelen.
"Coronacrisis zet vrouwen-rechten zwaar onder druk," staat er.
Maar vrouwen zijn toch juist de winnaars?
Alle mannen in de wereld moeten anderhalve meter afstand houden van alle vrouwen in de wereld.
Had de Metoo-beweging zich iets beters kunnen wensen?
Nee toch?

zondag 5 april 2020

Het vlammetje Gods

De Panhard PL17
Ik was met mijn vader en moeder en al mijn zusjes in de Panhard in Italië op vakantie. Ik zag een kale oude hond op een kerkplein in een bergdorp. Hij werd door de dorpsjeugd in een hoek gedreven en bespot. Kun je honden bespotten? Ja, dat kan. Worden honden daardoor gekwetst? Ja, dat worden ze. Toen hij geen kant meer op kon, werden hem – de hond – kleurige veren in de kont gestoken. Hij werd vrij gelaten en rende er vandoor met de staart tussen z'n benen (en met de kleurige veren in z'n kont). En de dorpsjeugd wees hem na en lachte hem uit. Ik voelde medelijden met de hond. Ik was helemaal tot de rand toe gevuld met medelijden.
We gingen ook nog de dorpskerk in. Eén van ons liep de kandelaar omver met het vlammetje Gods. M'n vader zei dat we beter zo snel mogelijk konden vertrekken (voordat de dorpelingen merkten dat hun vlammetje Gods niet meer brandde). Terwijl we de berg afdaalden zag ik in de achteruitkijkspiegels van de Panhard dat het hele dorp met hooivorken en stokken achter ons aan kwam.

zaterdag 4 april 2020

En ze renden en ze groeven en ze joechen

Vroeger kwam ik vaak in bossen. Waar ik woonde waren veel bossen. We gingen erheen met de honden, om ze te laten rennen. We hadden twee honden, een kleine en een grote (een grote en een kleine). Ze zaten achter in de auto, elk aan een kant. Ze staken hun koppen uit de ramen en lieten de wind door hun lange haren waaien. Ze blaften tegen de wind. Het leek of ze lachten. Ja, ze lachten.
En ze renden. En ze groeven. En ze joechen. Soms vingen ze een haas. En ze sprongen in de vennen. En ze rolden over de grond met hun poten in de lucht. En ze schudden hun koppen.
Als we terug gingen zagen ze er achter in de auto uit als twee guerrilleros. Overal takjes in hun haren, gras, wilde bloemen, bladeren, dennenappels, dennennaalden, beestjes en god weet wat. Ze leken wel twee struiken. En hun lange roze tongen hingen uit hun bekken, en ze hijgden, en de druppels vielen van hun roze tongen. 

Af en toe raasde er een storm door de bossen. Dan gingen we niet, dan was het gevaarlijk. Pas als de storm voorbij was gingen we weer. Veel bomen waren omgevallen met wortelkluit en al. Aarde stond rechtop als een muur. Aarde toonde haar binnenkant.

vrijdag 3 april 2020

Het is moeilijk afscheid te nemen van kwellingen

Onder de gootsteen

1.
We hadden een lekkende keukenkraan.
Hij drupte de hele tijd en ik had geen zin om een nieuwe te installeren.
   

2.
Vroeger had ik een aannemerij met E..
E. was mijn compagnon.
Wij waren succesvol.
Wij verdienden veel geld.
Aan het einde van elke maand gingen wij naar de winkels.
O, en wij kwamen thuis met tassen vol. 

3.
E. kon loodgieten.
Mijn vader kon ook loodgieten.
Mijn vader vloekte onophoudelijk als hij op z'n rug in het kastje onder de gootsteen lag en dat doe ik ook. Als ik niet op tijd gestopt was met loodgieten was ik nu dood geweest. Dood van het vloeken. 

4.
Al het gereedschap is te groot in een gootsteenkastje.
Je ligt op je rug.
De moeren die je los draait vallen op je bril.
Het water drupt op je voorhoofd.
De ijzerzaag kan maar een centimeter vooruit en achteruit. 

5.
Wat een luxe is een niet druppende kraan!
De gewoonste dingen zijn een grote luxe. Toch hoor ik nog druppels vallen uit de nieuwe kraan. Maar ik zie ze niet in de gootsteen vallen. Het is m'n verbeelding die de druppels hoort vallen. M'n verbeelding zet het druppen van de kraan nog even voort. 't Is moeilijk afscheid nemen van kwellingen. Dat weet iedereen. 


 
Het druppelen van de oude kraan
 

woensdag 1 april 2020

Losse kreukels

Het is jammer dat je kreukels nergens los kunt krijgen.
Je moet er altijd een overhemd bij kopen, of een broek.

Een lied om te zingen

De lucht boven ons huis:

 

 

 

 

 

 

 

 


De tulpen in de vaas:



 

 

 

 

 

 

 

 


Het nieuwe witte linnen overhemd:



 

 

 

 

 

 

 

 


Het nieuwe blauwe linnen overhemd:



 

 

 

 

 

 

 



Tafellaken (links) en inpakpapier van het nieuwe blauwe overhemd (rechts):



 

 

 

 

 

 

 

 


Een lied om te zingen:


Danse Russe

If when my wife is sleeping
and the baby and Kathleen
are sleeping
and the sun is a flame-white disc
in silken mists
above shining trees, –
if I in my north room
dance naked, grotesquely
before my mirror
waving my shirt round my head
and singing softly to myself:
"I am lonely, lonely,
I was born to be alone,
I am best so!"
If I admire my arms, my face.
my shoulders, flanks, buttocks
against the yellow drawn shades,˗
Who shall say I am not
 the happy genius of my household?¹

¹ Door: William Carlos Williams

maandag 30 maart 2020

De Amerikanen kopen meer wapens dan ooit

De Smith & Wesson M&P 9 Shield, Amerika's
geheime wapen tegen het virus
Amerikanen kopen meer wapens dan ooit.
Dit is hun reactie op de opmars van het coronavirus.

Gaan ze het virus doodschieten?
Op de foto: het één na populairste wapen van Amerika.

zondag 29 maart 2020

De gedichten van e.e. cummings zijn als microscopen

e.e. cummings

"Als het je wens is mij te sluiten / zullen ik en mijn leven heel mooi dichtgaan, plotseling / zoals wanneer het hart van deze bloem zich de sneeuw voorstelt / voorzichtig overal dalend."
Ik las deze regels in een gedicht van e.e. cummings. Ik schrijf zijn naam met kleine letters omdat hij dat zelf ook deed.
Je kunt hem moeilijk vergelijken met andere dichters.

Zijn gedichten zijn microscopen waardoor je een nieuwe, onbekende wereld kunt zien: de microkosmos van de nabijheid.
Ik vind zijn gedichten ontroerend. Maar dat mag je aan niemand verder vertellen, want ik koester mijn imago van fullcontact kooivechter.
Ik lees de gedichten niet vaak en ik wil ook niet alles van hem lezen. Je kunt een wonderbaarlijk dichter geen slechtere dienst bewijzen dan alles van hem te lezen.¹

E.e. cummings is een groot kenner van de nabijheid, van het dichtbij iemand zijn – bij vrouwen in zijn geval, want hij had veel vrouwen (niet tegelijkertijd). Als hij in de oudheid had geleefd, dan was hij zeker als het godje van de nabijheid opgenomen in het gastvrije gezelschap van de goden. Maar hij leefde niet in de oudheid, hij leefde van 1894 tot 1962 in Amerika en daarom maak ik hem nu tot het godje van de nabijheid.
Mij is namelijk de autoriteit toegevallen om natuurgodjes te scheppen. Voorlopig heb ik nog het alleenrecht, maar ik zoek dat zo snel mogelijk te delen met zoveel mogelijk anderen. Het godje van de nabijheid is mijn tweede godje. Eerder heb ik een riviergodje gemaakt, dat nog geen naam heeft. Het leeft aan de rivier de IJssel.
Voor het eerst sinds duizenden jaren worden er weer goden geschapen in Europa!
Tegelijkertijd is mij het aanvullende voorlopige alleenrecht toegevallen om met een team van godgeleerden, onder bescherming van nieuwe transcen-dentale antitrustwetgeving, monotheïstische goden in meerdere goden op te splitsen, te vermenselijken, te vernatuurlijken of (tijdelijk) buiten dienst te stellen.
Eén en ander om de concurrentie te bevorderen en zo vier miljard mensen² tegen al te hoge prijzen te beschermen (schuld, straf, zonde, boete, hel, verdoemenis, onthouding, twaalf kinderen).
Hierover meer in m'n wijsgerige hoofdwerk Het Niets, het Ene, het Vele en Alles.
 

¹ Alleen van Federico Garcia Lorca moet je alles lezen, want alleen dan wordt je het mysterie gewaar dat zijn gedichten afzonderlijk welwillend aan het gezicht onttrekken.
² Zoveel mensen zijn er die in een monotheïstische god geloven! 

donderdag 26 maart 2020

Alleen geniale wiskundigen begrijpen het

De Amerikanen vergaten de anderhalve meter
Als mensen het coronavirus hebben maar er niet ziek van worden, dan vergeten ze om anderhalve meter afstand te houden.
Dan vergeten ze dat ze anderen kunnen besmetten. 

Op die manier zijn we ook aan de Amerikaanse cultuur gekomen, aan McDonald's, Facebook, Hollywood, Jerry Bruckheimer, Donald Trump.
De Amerikanen vergaten de anderhalve meter!

Ach, wat weet ik er ook van.
Alleen geniale wiskundigen begrijpen de verspreidingsdynamiek van het virus, aldus een hoogleraar informatica en een biostatisticus vandaag in de krant.

Zijn dat dezelfde geniale wiskundigen als de geniale wiskundigen die in 2008 de wereldwijde financiële crisis veroorzaakten met hun algoritmen?

J. heeft soms een baldadige bui

 Gouden lauwerkrans (Corona d'alloro)
J. vindt dat er een Nederlands woord moet komen voor het Engelse woord lockdown. Hij zegt: "Als er geen Nederlands woord voor lockdown komt, dan ga ik me er niet aan houden, want dan versta ik het niet."
Hij heeft soms een baldadige bui.
Doe mee aan de prijsvraag!
Het beste Nederlandse woord voor lockdown krijgt een gouden lauwerkrans op z'n hoofd gezet (heeft een woord wel een hoofd?).
Je kunt je woord opsturen naar het postadres van het kabinet van de minister-president, postbus 2000, 2500 EA Den Haag, onder vermelding van deze blog.
Dan regel ik het verder wel met het kabinet.

woensdag 25 maart 2020

We zijn niet ijzig genoeg geweest

De vertroosting van het kluitje (kudde gnoes)
We hebben te dicht op elkaar geleefd.  
We zijn niet onverschillig genoeg geweest.
Niet koel genoeg.
Niet afstandelijk genoeg.
Niet ijzig genoeg.
We hebben de temperatuur te hoog laten oplopen.
O, de warmte en de nabijheid van de ander.
O, de vertroosting van het kluitje.
We hadden alleen nog oog voor elkaar en niet meer voor de verte, de hoogte, de diepte, de oppervlakte, de kou.
We hebben ons aan elkaar geslepen als stenen tot we geen scherpe kantjes meer over hadden. Alle ruzie op internet was consensus, warmte, vlees, damp.
De anderhalve meter afstand is als een koel briesje aan het einde van een drukkende, snikhete zomerdag. Van mij mag het zo blijven, ook zonder virus.

dinsdag 24 maart 2020

Ze laat me lachen

Irma Sluis de doventolk
Eerst stond Irma Sluis de doventolk opzij van de ministers, maar nu staat zij tussen de ministers in.
Het valt me op dat de premier de hele tijd naar haar kijkt. 
Ook ik kan niet ophouden met naar haar kijken. 
Ze laat me lachen.
Wat de premier en zijn ministers zeggen ontgaat me helemaal als zij erbij is.
Ik heb alleen maar oog voor haar!