Posts tonen met het label Tonia. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Tonia. Alle posts tonen

maandag 22 augustus 2022

Jij bent een stier

Toro de Osborne in het Spaanse landschap
Enkele jaren na mijn geboorte zei mijn moeder tegen me: jij bent een stier.
Hier zijn enkele eigenschappen van mij:
Ik ben zwaar.
Het liefst ben ik rood.
Mijn ballen kun je eten.
Als ik loei knappen de takken van de bomen.
Met mijn horens smijt ik halve weilanden de lucht in.
Zo nodig eet ik vlees.
Wie mijn bloed drinkt sterft.
Weer enkele jaren later zei mijn moeder: jij bent groen.
Mijn neef de bankier is ook groen.

woensdag 6 oktober 2021

Van heel ver kwam iemand aanrennen om de bal te vangen

De IJsselkade bij Zutphen
1.
Als de Romeinen op reis gingen zeiden ze dat ze van hemel gingen veranderen (caelum mutare).

2.
Hij was bij z'n moeder op bezoek. 's Avonds vroeg ze hem waarom zijn leven mislukt was. Hij ontkende dat het mislukt was. Maar daar wilde zij niks van weten.

3.
Ik bracht een bezoek aan de rivier de IJssel.
Op de kade stond een beeld van Ida Gerhardt.
Het beeld stond niet op een sokkel maar op de grond.
Er was innigheid rondom.

4.
Hier gooiden wij de bal in de lucht.
En dan verstopten wij ons.
Van heel ver kwam iemand aanrennen om de bal te vangen voordat hij op de grond stuiterde.
Wij hadden van tevoren zijn naam geroepen.

5.
Ik had afgesproken met M. en J. bij café de D. Het was warm weer, we zaten buiten. Tegen middernacht kwam er een tijdje een panter bij ons staan.

6.
Kijk, daar, die boom, die was het. Die strekte zijn takken naar mij uit als armen.

maandag 26 juli 2021

Hij vloog breeduit en stuurloos in het rond

Uit mijn droom van vannacht
1.
Ik droomde dat het winter was.
Ik liep met mijn vader en moeder door de sneeuw.
Wij waren alledrie even oud.
Wij waren een jaar of elf.
Wij gingen naar de ijsbaan.
Onze schaatsen hingen om onze nek.

2. (Over voelen en weten)
"Je vóelt de gaten in je sokken misschien niet, maar je wéét dat ze er zitten en daardoor voel je ze toch."

3.
Ik werd op straat aangesproken door een man.
Hij zei: "U bent toch historicus? Weet u misschien een goed boek over slavernij? De familie
van mijn vrouw heeft een slavernijverleden en daar is weinig over geschreven. Mijn opa is omgekomen in Auschwitz, maar daar is veel over geschreven."
Hoe wist die man dat ik een historicus ben?

4.
Ik kijk niet meer naar tennis. Djokovic wint alles. Ik vind onoverwinnelijkheid een vervelende eigenschap.

5. (Kort gesprekje met Z.)
"Pap?"
"Ja?"
"Wil je even de moisturizing curl activation cream brengen? Het is een witte fles met gele letters, hij staat op tafel."

6. (Over het gesprek op Suikermeloen 3 Warmtemaand 229)
Dr. T. is een zachtgestemd mens.
Zijn kamer is zo moeilijk te vinden in het grote ziekenhuis dat ik een begeleider mee krijg om me erheen te brengen.

Bij metingen (en bij toeval) zijn er een tijd geleden veranderingen geconstateerd in de toestand van mijn bloed.

Dr. T. is erbij gehaald om vast te stellen wat de oorzaak is.

In zijn kamer staan: een bed, een kamerscherm, een bureau met een computer, drie stoelen, een opvallend gezonde plant en dr. T.

Aan de muur is een wastafel bevestigd met een spiegel erboven.

De oorzaak van de veranderingen, zegt dr. T., ligt in het beenmerg waar het bloed gemaakt wordt.

Het komt niet door roken of drinken, het is niet erfelijk, het is gewoon pech.
De veranderingen zijn waarschijnlijk het prille begin van leukemie.

7.
Een dikke bromvlieg kwam plots binnen vallen door het open raam. Hij vloog breeduit en stuurloos in het rond en precies zo vloog hij ook weer naar buiten.

dinsdag 16 maart 2021

Als je 8 verticaal halveert krijg je 3

Portret van mijn moeder in getallen (in 2021)
Als je het oneindigheidsteken (∞) rechtop zet, krijg je 8.
Als je twee 8-en naast elkaar zet krijg je 88.
88 is de leeftijd van mijn moeder. 
Als je 8 verticaal halveert krijg je 3 (een zeldzame operatie in de wiskunde).
Als je twee 3-en naast elkaar zet krijg je 33.
'33 is het geboortejaar van mijn moeder. 
De eerste drie cijfers van het getal π zijn 3,14 en daarom is 14 maart3/14 in het Engelsde internationale dag van het getal π.
π-dag is de geboortedag van mijn moeder.
Zondag waren we bij haar op bezoek om haar verjaardag te vieren.
Van π kennen we wel het begin maar niet het einde.

dinsdag 29 december 2020

Oef, wat een moeilijkheden

Marieke Lucas Rijneveld zonder gitaar
Ik zag Marieke Lucas Rijneveld op tv. Zij
voelt zich een meisje én een jongen.
Mijn moeder zegt dat ik een boek van haar
moet lezen.
Toen ik haar voor het eerst op tv zag dacht ik: wat een mooi meisje.
En wat kan zij mooi zingen! 
Zij
zong op tv het lied Verdronken vlinder van Lennaert Nijgh en Boudewijn de Groot.
Zij speelde daarbij zelf gitaar.
Het was geen rode gitaar en geen blauwe gitaar maar een witte gitaar.
Tegelijk gitaarspelen en zingen is moeilijk, dus chapeau!
Met zo iemand, die zoiets kan, zou ik wel bevriend kunnen zijn.
Op Wikipedia staat dat zij niet graag met "hij" of "zij"
wordt aangesproken. Zij zou graag willen dat er een apart Nederlands woord komt voor mensen zoals zij, die zich een meisje én een jongen voelen. Maar waar haal je zo'n woord vandaan?
Oef, wat een moeilijkheden. Ik hoop maar voor haar dat er snel zo'n woord gevonden wordt.
Dat het een mooi woord mag zijn.

woensdag 11 november 2020

Wij drinken, wij lachen, wij dansen

Hoes van de eerste LP
Ik was bij het Amsterdams Concertgebouworkest.
Ik zat in de zaal te luisteren.
Wat kan dat orkest spelen zeg!
Het is zonder meer de beste band van Nederland na Gruppo Sportivo.
De liedjes van Gruppo Sportivo draaiden we toen we nog jong waren op feestjes.
Wij drinken, wij lachen, wij dansen.
Wij roken, wij kletsen, wij vrijen.
O, de hele nacht door.
Ken je Gruppo Sportivo?
Gruppo Sportivo heeft in 1977 en 1978 twee prachtige (heel mooie) LP's gemaakt: 10 Mistakes en
Back to 78.
Die moet je eens draaien.
Vorige week waren M. en ik bij onze moeder. 
J. was er ook bij.
M. was aan het mokken omdat we Gruppo Sportivo niet keihard mochten opzetten van m'n moeder.
Zij is nu 86 jaar (eigenlijk 87) en als de muziek zo hard staat kan ze niet meer horen wat er gezegd wordt.
Maar toen mocht het toch, vooruit maar.
Wij drinken. Wij lachen. Wij kletsen. Wij dansen.

maandag 20 april 2020

Wij zijn in overtreding

La migración del tiempo¹ / Salvador Dalí, 1974

Plotseling herinnerde ik me weer haarscherp ons huis in de R.-laan te Z.
Ik wás weer even in dat huis.
Ik was in de keuken met de stapels pannen en borden op de planken en de blikken koektrommels waar ik niet bij kan.
En mijn moeder is aan het koken.
Wat is ze jong.
"Heb je lekker gerolschaatst?"
Ja, dat heb ik. Mijn voeten tintelen er nog van.
Sinds het begin van de coronacrisis praat ik dagelijks met haar (met mijn moeder).
Onze gesprekken brengen ons dichter bij elkaar dan de toegestane anderhalve meter. 

Wij zijn in overtreding.

¹ Zo noem ik dit schilderij, maar Salvador Dalí noemde het Wounded soft watch. Salvador Dalí maakte dit schilderij in 1974, maar ik maakte het mee in 1973.

zondag 5 april 2020

Het vlammetje Gods

De Panhard PL17
Ik was met mijn vader en moeder en al mijn zusjes in de Panhard in Italië op vakantie. Ik zag een kale oude hond op een kerkplein in een bergdorp. Hij werd door de dorpsjeugd in een hoek gedreven en bespot. Kun je honden bespotten? Ja, dat kan. Worden honden daardoor gekwetst? Ja, dat worden ze. Toen hij geen kant meer op kon, werden hemde hond kleurige veren in de kont gestoken. Hij werd vrij gelaten en rende er vandoor met de staart tussen z'n benen (en met de kleurige veren in z'n kont). En de dorpsjeugd wees hem na en lachte hem uit. Ik voelde medelijden met de hond. Ik was helemaal tot de rand toe gevuld met medelijden.
We gingen ook nog de dorpskerk in. Eén van ons liep de kandelaar omver met het vlammetje Gods. M'n vader zei dat we beter zo snel mogelijk konden vertrekken (voordat de dorpelingen merkten dat hun vlammetje Gods niet meer brandde). Terwijl we de berg afdaalden zag ik in de achteruitkijkspiegels van de Panhard dat het hele dorp met hooivorken en stokken achter ons aan kwam.

woensdag 22 januari 2020

Als we drinken keren we terug naar zee

Abba
1.
De liturgie zegt: "Thank you god for this most amazing day."

De poëzie zegt: "
Thank you god for most this amazing day."¹

2.
Vanaf de vierde eeuw werden er kerken gebouwd in Europa. Kerktorens waren de eerste raketten. Ze waren nog wel te zwaar om op te stijgen. 

3.
Nieuws van internet: "Vader doodt coyote met blote handen."

4. (Over het neoliberalisme)
Onze politiecellen zitten vol kinderen die een onderbroek gestolen hebben van H&M.

5.
Ik zag beelden van het World Economic Forum in Davos. Alle capo's of industry zaten bij elkaar. Alleen de porno- en drugsbazen waren niet van de partij. Waarom eigenlijk niet?

6.
Er zijn nauwelijks of geen gedenkplaatsen voor in de oorlog gesneuvelde of vermoorde zigeuners.
"Wij laten de zielen van onze doden met rust," zei een zigeunerin.
Dat vond ik zo ontroerend.
 

7.
M. en Z. douchen altijd met muziek aan. 
Gisteren schalde eerst Abba uit de badkamer, met het nummer Thank you for the music en daarna Leonard Cohen met So long, Marianne.
Voor het eerst hoorde ik hoe goed Abba is. 
Op één of andere geheimzinnige pantheïstische manier is Abba's muziek verbonden met de natuur, met onze natuur.

8.
Naarmate ik ouder word begin ik steeds meer van goud en van rituelen te houden. Goud kun je kopen, maar waar moet ik rituelen vandaan halen? Zou de kerk wat voor me zijn? Ach nee, daarvoor ben ik teveel verpest door professor Nietzsche. De Tao? Een natuurgodsdienst? Bomen omhelzen? Dat laatste zie ik mezelf wel doen, maar pas als ik m'n verstand verloren heb.
Mijn ritueel was eigenlijk altijd: drinken. Ook daarbij is sprake van een overgave, een loslaten, een concentratie op het gebodene net als bij rituelen. 
Het gebruik van alcohol leidt tot zelfverlies. Tot een verrukkelijk één-tweetje met het niet-bestaan, om zo te zeggen. En met het niet-bestaan bedoel ik niet de dood, maar de moederschoot. Ja, het drinken is een terugkeer; de roes een herbeleven van het submariene bestaan. Want de moeder is de zee, dat zijn jullie toch met me eens? En die zee, die heeft ons op het strand geworpen en ons daar achtergelaten. En als we drinken, dan keren we terug naar zee. Alles uiteraard in het subliminale en numineuze. 

9.
Kim Kardashian gaat nu het Amerikaanse rechtssysteem hervormen.
 

10. (Uit de serie niet-uitgekomen voorspellingen)
Dit jaar zullen Novak Djokovic (32), Rafael Nadal (33) en Roger Federer (38) geen enkel groot toernooi meer winnen. Ze zullen telkens verslagen worden door de dappere iconoclasten Stéfanos Tsitsipas (21), Alexander Zverev (22), Daniil Medvedev (23), Nick Kyrgios (23), Matteo Berrettini (23) en Dominic Thiem (26). En Stanislas Wawrinka (34) is ook in vorm.

11.
Er was een Nederlandse schrijver op tv. "Wat een zuinig mondje," zei iemand.

¹ e.e. cummings

donderdag 7 maart 2019

In 1970 vocht ik met de zoon van de boekhouder

De engel met het gouden haar, 13de eeuw
1970
Van binnen voelt het leven uitgestrekt en langdurig als een wereld-rijk.
En zoals wereldrijken, zo kennen ook levens hun hoogtijdagen. Dagen van maximale spanning, schoonheid, vitaliteit, vrolijkheid, diepzinnig-heid, verspilling, zorgeloosheid, kracht, uitzicht. Alles daarvoor is prelude, voorbereiding, oprit. Alles daarna is epiloog, ontspanning, afrit. En tussen oprit en afrit: de brug, gespannen over de afgrond, trillend, bevend, zingend, oersterk, alles op het spel zettend.
Jongens worden almachtig geboren, in het centrum van de aandacht, in het hart van de wereld, overtuigd van hun lichamelijke en geestelijke onverslaanbaarheid. Langzaam maar zeker wordt hun die illusie ontnomen, bijvoorbeeld door verloren vechtpartijen op straat.

In de lente van 1970 vocht ik met de zoon van de boekhouder die tegenover me in de straat woonde. Ik had zijn kracht onderschat. Hij was oersterk en hield me met z'n benen in een houdgreep. Ik moest smeken om losgelaten te worden.
"Geef toe dat ik sterker ben dan jij," zei hij.
Ik zweeg. Dat nooit.
De houdgreep werd knellender. Ik stikte nu bijna.
"Geef het toe."
Het ging bergafwaarts met m'n almacht, maar op rolschaatsen was ik voorlopig nog de snelste. De rolschaatsen met de ijzerbeslagen wieltjes, die elke ondergrond haarfijn registreerden en doortrilden naar m'n lichaam. Het heerlijke stille zweven op het gladde asfalt, het ritmische getikketik op de trottoirs waardoor m'n hele wezen iets regelmatigs kreeg. Het bochtenwerk had ik afgekeken van Ard Schenk: de linkerarm op de rug, de rechterarm vrij zwaaiend. Ard Schenk was het mooist bewegende wezen dat ik ooit gezien had. Hoe hij bewoog deed me denken aan een dier. Een groot, sterk, verdrietig, soepel, gevangen dier.

1973 - Hoe kon je weten of je echt verliefd was? Nou, bijvoorbeeld door haar naam op te schrijven. Als er een golf van warmte door je heen ging terwijl je haar naam schreef; als het schrijven van de letters van haar naam voelde als het losmaken van de knoopjes van haar blouse, dan was je echt verliefd. Op een dag vroeg I.'s beste vriendin:
"Hebben jullie wat met elkaar?"
Alleen al door dat jullie voelde ik me met I. verbonden op een manier die me zowat deed wankelen van opwinding. Jullie! In de taal waren we al samen.
Jawel, ik was wat ze noemden een dromer, een fantast. In die tijd, lang voor de komst van het internet, moest je wel een dromer en een fantast zijn om niet door de realiteit verpletterd te worden. Dus voelde ik me al rijk als iemand maar dácht dat ik rijk was, begeerd als iemand maar dácht dat ik begeerd werd. Dan hoefde het in het echt al niet meer zo. In feite was ik geschapen voor de virtuele wereld, de tweede, parallelle wereld die decennia later zou losbarsten. Ik was geschapen voor het fictieve leven, voor de fictie.
I. woonde drie huizen verderop. Meestal ging ik naar haar toe, maar soms kwam ze naar mij. Niemand was ooit op die onhoudbare, onstuitbare manier van de liefde naar me toegekomen. De eerste keer dat dit gebeurde stond m'n hart stil: "Ze komt voor mij."
O, de warmte en de geur van haar lichaam, haar borsten die ik mocht aanraken wanneer ik er maar zin in had, haar zachte buik met het verzonken knoopje van haar navel (umbilicus mundi).
Eén van de wonderen van de liefde is dat je heel dichtbij iemand mag komen. Het aanraakterritorium, het vrij aanraakbaar huidoppervlak wordt in één klap zowat verdubbeld. De liefde is een uitbreiding van het je bij geboorte toegemeten quantum vlees en bloed: je krijgt er een lichaam bij.

Parfum, oogschaduw, eyeliner, mascara, rouge, deodorant, gezichtsmasker, shampoo, conditioner, scheerschuim, lipliner, lippenstift, nagellak, nagelakremover, dagcrème, nachtcrème, borstels, kwastjes, kammen, watten, staafjes, stokjes, schijfjes, spateltjes, pincetten, schaartjes, scheermesjes, nagelvijl, wimperkruller, krultang, föhn, scheerapparaat.

I. had meer opmaakspullen dan m'n moeder en al m'n zussen bij elkaar. Elke ochtend stond ze een uur voor de spiegel; op zaterdagochtenden wel twee uur. Als laatste maakte ze altijd haar grote donkere ogen op met zwarte en gouden oogschaduw. Haar ogen werden daardoor nog mooier, groter en donkerder dan ze al waren, ongeveer zoals de ogen van De engel met het gouden haar, een Russisch icoon dat bij haar thuis aan de muur hing.
Gods hand had dat icoon geschilderd, beweerde haar moeder.
Zo ongeveer dacht ik ook over I., al was ik niet gelovig. Gods hand had haar geschilderd.

(Uit: Peter Bekkers, Eeuwige bouillon, Uitgeverij Opera Non Scripta, d.d. in de zomer van de koekoek)

woensdag 20 februari 2019

De verre ster van de ouderdom kwam nu wel heel dichtbij

Supermaantje boven het Borneo-eiland
1971
's Nachts, als m'n vader maar doorreed en doorreed, onvermoeibaar rokend, lag ik vanaf de achterbank door het zijraam van de auto naar buiten te kijken.
Vegen licht, afkomstig van de lantaarnpalen langs de autoroute, waaiden door de auto en over de gezichten van m'n vader en moeder, die daardoor telkens even oplichtten, alsof ze gescand werden. Met behulp van de Grote Bosatlas had ik uitgerekend dat het ongeveer 1500 kilometer was naar onze bestemming in Italië, en daar deden we een dag en een nacht over.

Het zou ruim 25 dagen en nachten duren om in één ruk de aarde rond te rijden en ruim 240 dagen en nachten om naar de maan te rijden. De maan in het perigeum wel te verstaan. Naar de maan in het apogeum duurde nog veel langer, als je meetelde dat m'n vader ook af en toe moest uitrusten. Maar ik besefte pas echt hoe onvoorstelbaar klein we eigenlijk warenwij mensen, bedoel iktoen ik uitrekende hoe lang het rijden was naar de zon, namelijk zo'n 270 jaar, rustpauzes niet meegerekend.
We moesten barend reizen om de zon te bereiken. We zouden kinderen moeten krijgen onderweg, en die weer kinderen, en dat tien generaties lang, en dat allemaal op de achterbank van de auto.
Naar de dichtstbijzijnde volgende ster, Proxima Centauri, zou miljoenen jaren duren.
Deze wijde blik, dit kosmische perspectief kon ik nooit lang vasthouden, hoewel het beslist bevrijdend was. Na een poosje herstelde alles zich vanzelf weer in de vertrouwde dimensies waarin ik mezelf toch min of meer als "groot" ervoer, als iets wat je kon zien zonder een vergrootglas of een elektronenmicroscoop te gebruiken.
Minstens even onbegrijpelijk ver verwijderd als Proxima Centauri was de ouderdom. Het was eenvoudig onvoorstelbaar dat ik ooit zo oud zou zijn als m'n grootvaders met hun wandelstokken van knokig bamboe, hun ouderwetse hoeden en hun grote grijze jassen. 
Maar inmiddels was het 2016. Ik was 58. De verre ster van de ouderdom kwam nu toch wel heel dichtbij, werd steeds groter door het raampje van m'n capsule. Terugkijkend zag ik nergens meer het begin. Of toch, daar, een stipje niet groter dan de prik van een naald in oneindig uitgespannen zwart.

Uit: Peter Bekkers, Eeuwige Bouillon (de roman), uitgeverij Opera Non Scripta, d.d. als de kiekens tanden krijgen.

zaterdag 30 mei 2015

Wat heb je een mooie broek aan

Vlas (waar linnen van gemaakt wordt)
1.
Eerder
behandelde ik al eens het vraagstuk van het kosmopolitisme. 
Ik vroeg me af of kosmopolieten eigenlijk wel bestaan en ik besprak het kosmopolitische gerecht Dal Makhani. Vorige week kwam ik aan op het Centraal Station van Florence in Italië en ik herinnerde me weer de kosmopoliet die ik daar negenendertig jaar geleden in de prachtige hal meende te zien staan, toen ik met W. voor het eerst in mijn leven zonder vader en moeder op vakantie was. Hij verscheen weer voor mijn geestesoog, die kosmopoliet. Hij stond in het midden van de hal een sigaret te roken. Hij droeg een linnen pak, licht van kleur.

2.
Linnen! 
Dat was me negenendertig jaar geleden niet opgevallen.
Wat is het toch wonderlijk dat je sommige dingen pas in de herinnering waarneemt.
Ik voelde meteen dat ik dichterbij de oplossing van het kosmopolitische vraagstuk was gekomen. 
In een Florentijnse winkel paste ik een linnen broek, licht van kleur.
En ja hoor. Ik zag het meteen toen ik voor de spiegel ging staan. Daar stond een kosmopoliet!
Weer thuis, in i Paesi Bassi, zei iemand tegen me: "Wat heb je een mooie broek aan."
"Dank je," zei ik, "het is een kosmopolitische broek."

vrijdag 2 januari 2015

Over 6 januari

Sparren in Noorwegen
Ik hield de spar altijd tot 6 januari in huis.¹
Dat doet mijn moeder ook.
Zij is bijgelovig.
Zij zegt dat het ongeluk brengt als zij de spar eerder of later dan 6 januari weg doet.
Dit jaar heb ik de spar op 2 januari weg gedaan.
Ik heb hem uit het raam gegooid.
Het liefst neem ik geen spar in huis, maar het ruikt lekker.
 

¹ De spar wordt aan het einde van elk jaar ook wel "kerstboom" genoemd.

maandag 10 november 2014

Einmal ist keinmal

Zebra
Ik had H. twintig jaar niet gezien.
Toen kwam ik hem weer tegen op een zebrapad achter het Paleis op de Dam.
Twintig jaar geleden was dit zebrapad er niet.
We spraken af om te gaan schaken zoals we twintig jaar geleden vaak deden.
H. studeerde toen wijsbegeerte en hij was al een zakenman. Je zult denken: een wijsgeer in zaken? Jawel. Een studie wijsbegeerte is bijzonder goed geslaagd als de student een zakenman wordt. Praatjes vullen geen gaatjes, zei mijn moeder vroeger (een sneer naar mijn vader).
Dus daar zaten we, aan hetzelfde bord waar we twintig jaar geleden ook aan zaten en ik won. Dit kan betekenen dat H. slechter is gaan schaken, of dat ik beter ben gaan schaken. Allebei kan ook. Ook kan het zijn dat H. zijn dag niet had. Of dat ik een goeie dag had. Eigenlijk betekent het niks. Einmal ist keinmal.

dinsdag 26 augustus 2014

Ik vermoed dat kosmopolieten niet bestaan

World Citizen Flag
"Hé, daar loopt een kosmopoliet."
Het was op het station van Florence.
Ik was achttien jaar en alleen op reis zonder moeder of vader (maar met W.).  
"H
é, daar loopt een kosmopoliet," zei ik dus tegen W.
De kosmopoliet droeg een licht pak, herinner ik me, hij bewoog mooi.
Daarna heb ik nooit meer een kosmopoliet gezien of gedacht er een te zien.
Ik vermoed dat kosmopolieten niet bestaan.
Ik moet dit nog onderzoeken.

dinsdag 28 mei 2013

Over roken en drinken en wat mensen daar zoal bij doen en zeggen

De hoofdpersoon uit Mad Men
Veel mensen hebben me aangeraden naar de dramaserie Boardwalk Empire en de politieserie Dexter of Drexler te kijken.

Ik heb niet genoeg geduld voor dramaseries.
Ik heb het een tijdje de serie Mad Men gevolgd, maar ook die volg ik inmiddels niet meer, hoewel ik het goed vond. 
Het ging over roken en drinken en wat mensen daar zoal bij doen en zeggen.

Vanavond viel ik er per ongeluk in Boardwalk Empire, juist op het moment dat een man met een zwaar beschadigd gezicht de loop van een geweer in zijn mond stak om zelfmoord te plegen. Het was in een bos.
Ik hou niet van bossen.
Ik zou niet in een bos of in een bosachtige omgeving willen wonen.
Ik breng zelden een bezoek aan een bos
.
Mijn vader hield ook niet van bossen (mijn moeder hield niet van bussen).

Een paar scènes later zag ik hoe een jonge man een oudere man met een gereedschap de schedel insloeg. De vernieling van de schedel werd uitgebreid in beeld gebracht. Bloed, stukjes bot en haren vlogen in het rond. Ook dit is niet geheel naar mijn smaak.
Weer een paar scènes later werd een grijsaard in een rolstoel gescalpeerd onder vertoon van opnieuw bloederige en harige flitsen.

Ik drukte op een andere zender en viel in de politieserie Drexler of Dexter. Twee aanraders op één avond! Het bleek te gaan over een man die tegelijkertijd een politieman én een seriemoordenaar is.

zondag 10 maart 2013

Pindakaas wordt verkregen door pinda's te malen met warme molenstenen

De uitvinder van de pindakaas Marcellus G. Edson 
(1849-1940)
Mijn moeder at voor het eerst in haar leven een boterham met pindakaas bij een gezin met acht zonen.

De zonen hielden kraaien.
Mijn moeder vond de pindakaas heerlijk.
Ze was zeven jaar.
Toen ze thuis kwam vroeg ze of haar moeder pindakaas wilde kopen. 
Pindakaas wordt verkregen door pinda's te malen met warme molenstenen.
Dit was het kostbare geheim van de uitvinder van pindakaas, Marcellus G. Edson.
Als je pinda's maalt met koude molenstenen, dan krijg je pindameel.

dinsdag 5 februari 2013

Over de vurige wens een telefoon te bezitten

Draaischijf van een bakelieten muurtelefoon, 1969
In het jaar 1969 deed ik de CITO toets van de lagere school.
De toets was toen nieuw.
Mijn moeder vroeg wat ik wilde hebben als ik geslaagd was (iemand die gezakt was kreeg in die tijd geen cadeau).
Mijn antwoord was niet: "Een telefoon."

donderdag 31 januari 2013

Zo'n huis kost miljoenen

Waterlelie in de grote vijver
We fietsten door de mooiste straat van de stad.
M. (11) zat bij mij achterop.
Zoals altijd zei ik tegen haar, toen we door de straat reden: "Dit vind ik de mooiste straat van de stad."

"Weet ik toch," zei M. 
De straat is een ventweg, gescheiden van de hoofdweg door een vijver vol waterlelies.
Een keer zag ik een kikker zitten op het blad van een waterlelie.
Hij kwaakte.
"Kwá
ák!"
"Deze straat doet me denken aan de straat waar ik woonde met mijn moeder en zusjes, in Z., weet je wel. En ook aan de grote vijver daar vlakbij, vol waterlelies, waar ik ging vissen met W. We aten de vissen als ze eetbaar waren."
"Weet ik papa, maar als je het zo mooi vind, waarom koop je hier dan geen huis?"
"Omdat het veel te duur is, daarom. Zo'n huis kost miljoenen."
"Als je een intergalactische bestseller hebt geschreven, dan gaan we hier wonen hè?"
"Ja, dan."

dinsdag 27 november 2012

Voetbal is niks voor meisjes

Mesut Özil
M. (11) is een middenvelder.
Ze heeft training op maandag en woensdag.
Ze draagt rood-witte voetbalkousen tot over haar knieën.

Ze slaat nooit een training over.
Ze kijkt alle wedstrijden van de voetbalclub Barcelona. 

Haar favoriete voetballer is Mesut Özil.
Zijn bijnaam is El Buho (De Uil).

De uil zit bij Real Madrid op de bank.
Mijn moeder (78) is het er niet mee eens dat M. op voetbal zit: "Voetbal is niks voor meisjes," zegt ze.